Imperial 2030 – Review

Auteur
Mac Gerdts
Uitgever The Game Master
Aantal spelers 2 tot 6
Spelduur
120 minuten
Jaar van uitgave 2010
Prijs 47.95€
Recensie door
Vandenbogaerde Fabrice
Score 9.0/10
Links The Game Master
Bijzonderheden Dit is een herwerkte versie van Imperial uit 2006

SPELMATERIAAL

De speldoos biedt onderdak aan heel wat spelmateriaal dat van uitstekende kwaliteit is. In de doos vind je;

  • 1 spelbord,
  • 48 tanks in 6 kleuren (10 gele, 6 rode en 8 voor de overige kleuren),
  • 48 schepen in 6 kleuren (6 gele, 10 rode en 8 voor de overige kleuren),
  • 24 fabrieken (12 tank- en 12 scheepsfabrieken),
  • 54 obligatietegels (9 per natie),
  • 90 vlaggetjes (15 per natie),
  • 6 starttegels (1 per natie),
  • 18 markeerfiches (3 per natie),
  • 3 Zwitserse banken,
  • 1 beurtteller,
  • 1 investeerder kaart,
  • 130 bankbiljetten (35 x 1 miljoen, 55 x 2 miljoen, 25 x 5 miljoen, 15 x 10 miljoen)
  • 4 samenvattingen,
  • 1 spelvoorbeeld en de spelregels in het Nederlands.

SPELBESPREKING

Inleiding

Imperial, maar dan enkele jaren later. Alleen Rusland heeft het overleefd, de Verenigde staten, India, Brazilië, Europa en China proberen beter te doen dan Oostenrijk-Hongharije, Italië, Frankrijk, Duitsland en Groot-Brittannië.

Voorbereiding

Leg het spelbord in het midden en zet voor elke natie een markeerfiche op het actiekompas.
Afhankelijk van het aantal spelers, ontvangt elke speler 1 of meerdere starttegels. Op die tegels staat aangegeven welke aandelen je moet kopen. (Eventueel ontvangen de spelers een wel bepaald startkapitaal en kunnen de vlaggen één voor één geveild worden.)
Start aandelen per Natie: bezit je bijvoorbeeld de vlag van Europa (links) dan koop je het aandeel 9.000.000 van Europa en 2.000.000 van India.

Geld dat je gebruikt om aandelen te kopen leg je op het spelbord in de staatskas van het betreffende land.

Spelverloop

De landen komen steeds in dezelfde volgorde aan de beurt. Deze volgorde is aangegeven op het spelbord en wordt bijgehouden met de rondepion. Als een land aan de beurt is, dan mag de speler die op dat ogenblik het meest in dit land geïnvesteerd heeft, de actie voor dit land kiezen.

Het actiekompas.

Onderaan links op het spelbord staat het ‘actiekompas’. Dit kompas toont 8 acties. Tijdens de eerste beurt zet de actieve speler een markeersteen op een actie naar keuze en voert ze uit. In elke latere beurt moet de markeersteen 1, 2 of 3 vakken in wijzerzin verplaatst worden. Een speler mag een markeersteen eventueel meer dan 3 vakken verplaatsen maar dan moet hij daarvoor betalen.

De verschillende acties.

  • Factory: betaal 5 miljoen uit de staatskas in de bank en plaats een fabriek in een stad van die Natie. Op het spelbord staat aangegeven waar er fabrieken geplaatst kunnen worden en of dit leger – of scheepsfabrieken moeten zijn.
  • Production: elke fabriek van de Natie produceert, afhankelijk van het soort fabriek, één leger of één vloot.
  • Import: de Natie mag maximum 3 legers of vloten (of een combinatie daarvan) kopen aan 1 miljoen per stuk. Deze legers moeten in het thuisland geplaatst worden bij de overeenkomstige fabriek.
  • Maneuver: de Natie mag zijn vloten en daarna zijn tanks bewegen.
  • Investor: deze actie bestaat uit 3 stappen.
    • De natie betaalt interest aan zijn aandeelhouders uit de staatskas. Hoeveel de spelers ontvangen staat op hun obligatietegels. Als er niet genoeg geld in de staatskas zit, moet de grootste aandeelhouder afzien van zijn deel. Eventueel moet hij andere spelers betalen met zijn privé-inkomen.
    • De speler die de Investeerder kaart heeft, ontvangt 2 miljoen uit de bank. Daarna mag hij één aandeel kopen of verhogen in waarde. (spelers zonder natie met een Zwitserse bank mogen nu ook investeren als ze dat willen.)
      De obligatietegels van USA: Het cijfer bovenaan rechts bepaalt de interest die je ontvangt, het getal rechts wat je moet betalen in de staatskas om de tegel te ontvangen..
    • Na het kopen van aandelen wordt gecontroleerd wie de nieuwe grootste investeerders zijn. De startkaarten worden eventueel doorgegeven. Spelers die zonder natie komen te zitten, ontvangen een Zwitserse Bank.
  • Taxation: deze actie omvat 4 delen:
    • De staatskas ontvangt 1 miljoen per vlag en 2 miljoen per onbezette fabriek.
    • Daarvan moet 1 miljoen betaald worden voor elk schip of elke tank.
    • De speler met de startkaart van het land ontvangt een bonus.
    • De natie ontvangt machtspunten overeenkomstig de belastingstabel.
      De belastingstabel: een opbrengst van 10 miljoen levert een bonus van 2 miljoen en 4 machtspunten op bijvoorbeeld.

    Extra’s in verband met bewegen.

    • Vloten starten in een haven. Vanuit die haven kunnen ze naar het aangrenzende zeegebied varen. Vanuit een zeegebied kunnen ze naar elk aangrenzend zeegebied varen. Vloten kunnen niet terugkeren naar hun haven.
    • Grondtroepen mogen naar een aangrenzend landvak bewegen. Bovendien mogen ze binnen hun Natie vrij bewegen (zogezegd over een spoorwegennetwerk).
    • Grondtroepen kunnen via eigen schepen over zeeën bewegen. Per schip kan juist één grondtroep overgeplaatst worden.
    • Bezit een Natie nieuwe gebieden of gebieden waar het als enige legereenheden heeft, dan mag het daar een vlag plaatsen. Vlaggen mogen echter nooit in gebieden van andere Naties geplaatst worden.
    • De aarde is rond, schepen kunnen van Oost naar West en door de kanalen van Panama en Suez varen. Kanalen kunnen echter wel in het bezit komen van de naties. Die bepalen dan wie wel en niet van deze verbindingen gebruik mag maken.

    Conflicten na het bewegen.

    • Plaatst een Natie een vloot in een zeegebied waar vloten van andere Naties varen. Dan kan elk van de betrokken Naties ervoor kiezen aan te vallen. Schepen worden in een verhouding 1:1 weggenomen. De betrokken Naties kunnen er natuurlijk ook voor kiezen om vredig naast elkaar te varen.
    • Bij het verplaatsen van grondtroepen gelden dezelfde regels. Plaats je een grondtroep in een gebied van een andere Natie, dan moet je beslissen of deze troep vijandig of vriendelijk is. Vriendelijke troepen worden op hun zijkant gelegd en hebben verder geen gevolgen. Vijandelijke troepen worden rechtop gezet en zorgen ervoor dat fabrieken in dit gebied noch produceren, noch importeren noch geld verdienen.
    • 3 vijandelijke grondtroepen kunnen een fabriek vernietigen.

    De winnaar

    Het spel eindigt onmiddellijk als een Natie 25 machtspunten bezit. De pion op de machtstabel geeft aan met welke factor de waarde van een aandeel vermenigvuldigd mag worden. De spelers tellen nu elk de waarde van hun aandelen en hun persoonlijk budget bij elkaar op. De speler met het meeste geld wint.
    Bezit een Natie slechts 5 machtspunten dan zijn hun aandelen niets waard. Bezit een Natie 25 machtspunten dan wordt de waarde van hun aandelen vervijfvoudigd.

     

    SPELBEOORDELING

    Wat deze titel betreft, kan ik gerust de recensie van Imperial citeren:
    ” Imperial komt in het begin nogal verwarrend over. Je weet eigenlijk niet goed wat je moet doen. Er is ook geen vaste beurtvolgorde voor de spelers waardoor de chaos alleen maar groter wordt. Na enkele minuten spelen wordt de bedoeling van het spel steeds duidelijker en toont Imperial zijn ware klasse.
    Er zijn heel wat factoren waarmee je rekening moet houden, maar het hoofddoel is en blijft geld verdienen. Je kan met een Natie heel veel gebieden veroveren, maar als een andere speler daarna het meeste in deze Natie investeert, zal hij met het geld gaan lopen. In dit spel kan je dus echt de vruchten plukken van andermans werk als je op het juiste moment kapitaal bezit.
    Het systeem van investeerders zorgt soms voor rare bokkensprongen. De ene keer kom je 3 keer na elkaar aan de beurt terwijl je 2 ronden verder helemaal niet aan de beurt komt omdat je geen Naties bezit. Bezit je meer dan één Natie, dan zijn jouw mogelijkheden nog groter. Vooral als deze Naties aan elkaar grenzen. Je kan met opzet één Natie laten verloederen bijvoorbeeld om de andere heel sterk te maken. Bezit je voldoende machtspunten, dan kun je het omgekeerde doen of je kan de kracht van beide Naties aanwenden om andere Naties te irriteren. Vergeet echter niet dat andere investeerders met de pluimen kunnen weglopen.
    Imperial biedt heel wat mogelijkheden en zal vooral de veelspeler bekoren.”
    Daar voeg ik aan toe dat de Zwitserse bank op het einde van het spel een krachtig wapen kan zijn. Je kan er jouw laatste centen mee investeren zodat je kapitaal nog sneller groeit. In ons eerste potje zijn de twee spelers die dit gedaan hebben als eerste en tweede geëindigd. Daarvoor hadden ze wel een serieus Imperium uitgebouwd.
    Ik speelde dit spel de eerste keer met Hans van Tol die de Nederlandse uitgave publiceert. Ik genoot met volle teugen en kan jullie meegeven dat Hans een sympathieke peer is. Je mag als Belg de kans om een Hollander poepje te laten ruiken niet laten liggen en dat hebben we dan ook niet gedaan. We bedanken Hans voor de enthousiaste uitleg en hopen tegelijkertijd dat hij dit spelletje ook eens wint.
    Het grote verschil tussen Imperial en Imperial 2030 is dat er veel meer evenwicht is. Elke natie heeft zijn voor – en nadelen. Je kan in geen tijd aan de andere kant van de wereld geraken en dat zorgt voor meer interactie. Hieronder volgt een volledig overzicht van de aanpassingen:

    • Extra obligatie van 30 miljoen per natie.
    • Twee kanalen verhogen de strategische mogelijkheden
    • De bonus bij de belastingen wordt elke beurt opnieuw berekend en komt uit de staatskas. (In plaats van bonus ten opzichte van vooruitgang uit de bank.)
    • Elke Natie heeft slechts 4 thuisprovincies. Er zijn meer neutrale gebieden en West en Oost zijn met elkaar verbonden.
    • Kosten voor extra stappen op het actiekompas stijgen mee met de machtsfactor van een natie.
    • Spelers zonder natie ontvangen een Zwitserse bank. Op die manier kunnen ze extra investeren. Eigenaars van de Zwitserse bank kunnen naties ook dwingen te investeren.
    • Mooiere onderdelen

     

    Januari 2011

    Geef een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *