K2 – Review

Auteur
Adam Kaluza
Uitgever REBEL.pl
Aantal spelers 1 tot 5
Spelduur
60 minuten
Jaar van uitgave 2010
Prijs 27.95€
Recensie door
Vandenbogaerde Fabrice
Score 7.5/10
Links REBEL.pl
Adam Kaluza

SPELMATERIAAL

De speldoos bevat:

  • Een dubbelzijdig spelbord (winter – en zomerkant),
  • 12 weertegels (6 winter- en 6 zomertegels),
  • 1 weerpion,
  • 1 startspelerfiche,
  • 20 bergbeklimmers (4 per speler),
  • 10 tenten (2 per speler),
  • 5 spelerbordjes,
  • 90 kaarten (18 per speler),
  • 10 zuurstoffiches (2 per speler),
  • 20 risicofiches,
  • 5 reddingskaarten
  • en Poolse en Engelse spelregels.

SPELBESPREKING

Inleiding

K2 is de op één na hoogste berg ter wereld en werd nog nooit in de winter bedwongen. Jouw team staat aan de voet van deze reus, klaar om naar de top te klauteren. Het weer is grillig, de weg gevaarlijk en er heerst een constant gebrek aan zuurstof. Zonnige dagen zijn zeldzaam, je moet er maximaal van profiteren. Dit zullen je tegenstrevers ook doen!

Voorbereiding

Leg het spelbord in het midden van de tafel. Kies daarbij of je tijdens de winter of tijdens de zomer aan de expeditie start. Het spreekt vanzelf dat de opdracht moeilijker is tijdens de winter.
Elke speler kiest een kleur en ontvangt alle spelelementen in die kleur. Leg de zuurstoffiches op veld 1 van jouw spelerbord. Zet 2 pionnen in het basiskamp en 2 onderaan het scorespoor. (Elke speler bezit 2 soorten pionnen, één pion wordt gebruikt om te klimmen, de overeenkomstige pion duidt de huidige score aan.)
Geef elke speler een reddingskaart als je de familieversie speelt.
Kies een set weerkaarten (winter of zomer), schud ze en leg de stapel open naast het spelbord. Leg de bovenste kaart naast de stapel zodat het weer voor de komende 6 dagen zichtbaar is.
Leg de risicofiches gedekt op tafel, draai er drie open.
Geef de startspelerfiche aan de startspeler.

Spelverloop

De expeditie duurt 18 dagen (of ronden). Tijdens elke ronde selecteren de spelers kaarten. Daarmee bewegen ze hun klimmers en voorzien ze zuurstof. Houd daarbij rekening met de invloed van het weer en de plaats waar de bergbeklimmers overnachten.
Op het spelbord staat de K2 afgebeeld. Vanuit het basiskamp vertrekt een pad naar de top. Dit pad bestaat uit cirkels die door touwen met elkaar verbonden zijn. Rechts loopt het scorespoor. Op het spelbord staan ook hoogtelijnen en tabellen die aangeven hoeveel klimmers maximaal op één cirkel mogen blijven staan. De getallen in de cirkels beïnvloeden het benodigde aantal bewegingspunten, de score en de zuurstofpunten van de spelers.
Zomer en winter

Op naar de top.

Elke speler schudt zijn stapel kaarten en neemt er 6 op handen. Bij de start van een dag selecteren de spelers 3 kaarten die ze gedekt op tafel leggen. De kaarten worden gelijktijdig open gedraaid. De speler die het meeste bewegingspunten speelt, moet één van de drie zichtbare risicofiches nemen. Daarna worden de acties van de kaarten in spelersvolgorde uitgevoerd. Bewegingspunten worden aan klimmers toegekend zodat ze kunnen bewegen. Voor één bewegingspunt kan naar een aangrenzende cirkel (= verbonden met een touw) gewandeld worden. Dikwijls kost het betreden van een cirkel meer dan één bewegingspunt. Elke speler bezit 2 klimmers. Bewegingspunten van verschillende kaarten kunnen naar believen over de twee klimmers verdeeld worden. Het is niet toegestaan de bewegingspunten van één kaart te verdelen. Een tabel aan de zijkant van het spelbord toont hoeveel klimmers maximaal op één vak kunnen overnachten.
Als een speler een risicofiche bezit, moet hij de waarde van die fiche van één of meerdere van zijn kaarten aftrekken.
Elke speler trekt daarna drie nieuwe kaarten. Als de trekstapel op is, moeten eerst de drie overgebleven handkaarten gespeeld worden. Daarna wordt de aflegstapel geschud en neem je terug 6 kaarten op handen.
De kaarten: groen staat voor bewegingspunten, blauw voor zuurstofpunten. Merk op dat de linkerkaart meer bewegingspunten oplevert bij het dalen.

Zuurstof en de grilligheid van het weer.

Zuurstofpunten worden net als bewegingspunten aan de klimmers toegekend. De hoeveelheid zuurstof waarover een klimmer beschikt, wordt bijgehouden op het spelerbord met een zuurstoffiche. Elke klimmer beschikt over één tent die hij tijdens het spel kan opzetten. Dit kost evenveel bewegingspunten als het betreden van het vak waar de tent geplaatst wordt zou kosten. Een tent voorziet een klimmer van extra zuurstof.
Op het einde van de dag controleren de spelers of hun klimmers voldoende zuurstof overhouden om de nacht te overleven. Sommige vakken aan de voet van de K2 voorzien de klimmers van extra zuurstof terwijl hoger gelegen plaatsen juist extra zuurstof kosten.
Ook het weer beïnvloed de klimmers. De weerpion geeft het weer van de dag aan. Bij slecht weer kan bewegen op bepaalde hoogtes extra punten kosten is er extra zuurstof nodig om te overnachten.
Weer in de zomer: elke speler die zich boven de 6000 meter bevindt, verliest 1 extra zuurstof bijvoorbeeld (dag 1).

Weer in de winter: rood staat voor zuurstof, geel voor extra bewegingspunten. Op dag twee kost elke stap boven de 7000 meter een extra bewegingspunt.

Als een klimmer niet voldoende zuurstof overhoudt om te overnachten, sterft hij.
Het spelerbord waarop de zuurstofhoeveelheid per klimmer wordt bijgehouden.

De winnaar

Op de zijkant van het spelbord loopt een scorespoor. Als een klimmer stijgt, stijgt ook zijn score. Dit wordt aangeven door de overeenkomstige pion op het scorespoor. Als een klimmer daalt, blijft de scorepion staan op het hoogst bereikte punt. Sterven levert een magere troost van 1 punt op.
Het spel eindigt na de 18de dag. De spelers tellen de scores van hun twee scorepionnen op. De speler met de hoogste score wint.

 

SPELBEOORDELING

Een berg beklimmen,… hoogst waarschijnlijk ben ik niet de enige die zo’n onderneming liever aan anderen overlaat. Voor mensen zoals ik, is er K2. Vanuit uw luie stoel heb je toch het gevoel dat je weer en wind trotseert om die vervloekte top te bereiken. K2 vind ik wat thema betreft een topper. Kritisch ingestelde droogstoppels die dit spel afdoen als het spelen van kaarten en het verzetten van pionnen, ze bestaan, maar ze hebben ongelijk.
Het spelsysteem is minder origineel, maar daar stoor ik mij niet aan. Ik ontdek genoeg kleine aanpassingen om niet het gevoel te hebben dat ik Avé Caesar op een berg aan het spelen ben. De invloed van het weer zit prima in het spel verweven en is een factor waar je zeker rekening moet mee houden. Je kan jouw goede kaarten sparen voor de heldere dagen, maar de kans ik groot dat je er dan een risicofiche bijkrijgt. Je moet wat vooruit plannen en daarbij rekening houden met de risicofiches, de kaarten die nog moeten komen en het aantal plaatsen waar je naartoe kan. Op de top kan maar één klimmer per vak staan waardoor je dikwijls bedrogen uitkomt. Als je als eerste de top bereikt en er nestelt zich een klimmer net onder jou, dan kan het voorkomen dat je niet genoeg bewegenspunten overhoudt om te dalen (je moet dan twee cirkels in één beurt dalen). Je concurrenten kijken toe terwijl het laatste zuchtje zuurstof jouw klimmer verlaat. Hilariteit aan tafel bij de anderen, 1 punt voor jou als troost. Dit blokkeren is onderdeel van het spel en werkt sommige spelers op de zenuwen. Anticiperen is hier de boodschap. Daarvoor moet je natuurlijk over de juiste kaarten beschikken of de nodige kaarten achterhouden en eventueel geluk hebben dat de risicofiche jouw plannen niet dwarsboomt. Om maar te zeggen dat je wel degelijk een flinke portie geluk nodig hebt bij de beklimming van de K2, wat dan natuurlijk weer perfect de werkelijkheid weergeeft. Wie het spel wat kent, weet welke kaarten hij nog mag verwachten en kan daar natuurlijk op inspelen. Dit is een voordeel ten opzichte van nieuwe spelers. Tijdens het spel wordt elke kaart uiteindelijk 2 keer gespeeld. In principe strijd je dus met gelijke wapens.
Ervaren spelers die niet schrikken van een serieuze uitdaging beklimmen best de moeilijke kant tijdens de winter. Een eerste kennismaking kan dan in de zomer op de makkelijke kant. Reddingskaarten zijn voor sissies en blijven dus in de doos. Je kan de moeilijkheidsgraad van dit spel aanpassen aan het publiek en dat is leuk meegenomen. Het enige wat ik iets minder geslaagd vind, is het gebruik van de risicofiches. Er liggen er telkens 3 zichtbaar en als dat 3 keer een ‘-2’ is terwijl je net hoge kaarten wou spelen, heb je dikke pech. Iedereen kan het gaspedaal volledig induwen als er een ‘0’ open op tafel ligt, tenzij je dan net lage kaarten hebt. Er liggen telkens drie risicofiches open en dat is niet zo logisch. Misschien kon dit gelinkt worden aan hoogte en weer, maar dat zou dan waarschijnlijk onnodig ingewikkeld zijn.
Het spelmateriaal en het spelbord ogen mooi. Het verschil in kleur op de achterkant van de kaarten is wel niet super duidelijk, maar tot nu toe verliep het sorteren van de kaarten altijd vlekkeloos.
Dit vind ik een prima variatie op bestaande racespelletjes. Bovendien kan K2 op heel wat bijval rekenen binnen onze spellenclub en dat wil ook wat zeggen. Merk ook op dat de auteur van dit spel een ervaren bergbeklimmer is.

Januari 2011

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *